:focal(900x611:901x612))
Geen Aston Martin safety car meer in F1 vanaf 2026
20/01/2026
De Formula 1 sluit in 2026 een opvallend hoofdstuk af. Aston Martin verdwijnt volledig uit de officiële FIA-rol als leverancier van safety- en medical cars. Daarmee komt een einde aan vijf seizoenen waarin het Britse merk die taak deelde met Mercedes-Benz. Vanaf volgend seizoen staat Mercedes er opnieuw alleen voor, zoals het grootste deel van de voorbije drie decennia.
Voor de Formule 1 betekent dat vooral duidelijkheid. Voor Aston Martin is het een strategische stap terug, en voor Mercedes een bevestiging van een status die het merk al sinds 1996 draagt: dé referentie wanneer het gaat om performance, betrouwbaarheid en tempo in de meest gevoelige momenten van een Grand Prix.
Hoe een gedeeld project nooit écht gelijkwaardig werd
Toen Aston Martin in 2021 zijn intrede deed als mede-safetycarleverancier, was de intentie helder: meer premiumuitstraling op de grid en twee iconische sportwagenmerken in de spotlights. In de praktijk bleek het evenwicht echter zoek.
De eerste Aston Martin Vantage Safety Car was visueel indrukwekkend, maar technisch in het nadeel. Hij was zwaarder en aanzienlijk minder krachtig dan de Mercedes-AMG GT Black Series, wat al snel voelbaar werd tijdens neutralisaties. Dat leidde tot openlijke frustratie bij coureurs, met Max Verstappen als bekendste criticus na de GP van Australië 2022, waar hij de Aston Martin publiekelijk afdeed als “te traag voor het werk”.
Upgrades kwamen, maar het stigma bleef
Aston Martin reageerde. In 2024 kreeg de Vantage Safety Car een serieuze vermogensinjectie tot 656 pk, gevolgd door de Vantage S in 2025 met ongeveer 670 pk, verbeterde aerodynamica en scherpere afstelling. Ook de medical car kreeg extra allure met de Aston Martin DBX707, goed voor bijna 700 pk.
Toch bleef het verschil met Mercedes voelbaar. In een sport waar herstarts, bandentemperatuur en energiemanagement racebepalend zijn, is de snelheid van de safety car geen detail maar een strategische factor. En precies daar bleef Aston Martin (ondanks duidelijke vooruitgang) in de schaduw van zijn Duitse concurrent.
Waarom Aston Martin stopt: timing, focus en realiteit
Officieel houdt Aston Martin het sober: het contract liep af na 2025 en werd niet verlengd. Intern klinkt dankbaarheid voor de zichtbaarheid die de rol opleverde tijdens de eerste jaren van de terugkeer in F1. Onuitgesproken spelen echter andere factoren mee.
De safety car-rol vraagt continue technische ontwikkeling, logistiek engagement en reputatiemanagement. Tegelijk investeert Aston Martin zwaar in zijn eigen F1-team, nieuwe road cars en elektrificatie. In dat licht is het begrijpelijk dat het merk kiest voor focus en prioriteiten. De officiële FIA-rol was waardevol, maar niet langer essentieel.
Mercedes: terug naar één duidelijke standaard
Voor Mercedes-AMG verandert er weinig, behalve dat het werkterrein opnieuw exclusief wordt. In 2026 levert het merk bij alle 24 Grands Prix zowel de safety car als de medical car. De AMG GT Black Series blijft het vaste ijkpunt voor neutralisaties: extreem snel, stabiel bij hoge temperaturen en perfect afgestemd op het tempo van moderne F1-wagens. De medical car blijft de AMG GT 63 S 4MATIC+, die prestaties koppelt aan ruimte en betrouwbaarheid.
Achter het stuur blijft Bernd Mayländer, sinds 2000 de constante factor in een sport die zelden stilstaat. Zijn ervaring en het vertrouwen van teams en FIA vormen samen met Mercedes een combinatie waar niemand vragen bij stelt.
Onze analyse: minder spektakel, meer rust
De verdwijning van Aston Martin betekent minder kleurvariatie op de grid, maar meer consistentie in races. In een Formule 1 die vanaf 2026 sowieso een volledig nieuw technisch tijdperk ingaat, is stabiliteit in cruciale randrollen geen overbodige luxe.
Mercedes krijgt opnieuw het volledige vertrouwen. Aston Martin kiest bewust voor een stap terug. En de sport? Die wint vooral aan voorspelbaarheid op momenten waar neutraliteit en tempo essentieel zijn.
Soms is één referentie beter dan twee halve.
:focal())
:focal())
:focal())
:focal())
:focal())
:focal())
:focal())
:focal())
:focal())
:focal())