
Europa en China keren zich tegen touchscreen-overload in auto’s: de comeback van fysieke knoppen
07/03/2026
De digitalisering van auto-interieurs leek jarenlang maar één richting uit te gaan: grotere schermen, minder knoppen en alles via een touchscreen.
Maar die trend lijkt nu een duidelijke rem te krijgen. Zowel in Europa als in China worden nieuwe regels en veiligheidsrichtlijnen ingevoerd die autofabrikanten aanmoedigen (of zelfs verplichten) om fysieke knoppen opnieuw in het interieur te integreren. Het doel is simpel: bestuurders minder afleiden en essentiële functies sneller toegankelijk maken. Het is een opvallende koerswijziging in een industrie die de afgelopen tien jaar bijna obsessief richting volledig digitale cockpits evolueerde.
Europa stuurt bij via Euro NCAP
In Europa speelt Euro NCAP een belangrijke rol in deze verandering. Sinds januari 2026 gelden nieuwe richtlijnen binnen de bekende veiligheidsscores van Euro NCAP. Autofabrikanten die de maximale vijfsterrenrating willen behalen, moeten opnieuw fysieke bedieningselementen voorzien voor essentiële functies. Het gaat onder meer om:
richtingaanwijzers
ruitenwissers
alarmlichten
claxon
noodoproepsystemen
Wanneer deze functies enkel via een touchscreen worden bediend, kan dat punten kosten in de veiligheidsbeoordeling. Hoewel de Euro NCAP-richtlijnen juridisch niet bindend zijn, is hun impact enorm. Een vijfsterrenscore is immers een cruciaal marketinginstrument voor vrijwel elk automerk.
China volgt met strengere regelgeving
Minstens even opvallend is dat China, de markt waar schermgedomineerde interieurs misschien wel het meest populair zijn geworden, nu een gelijkaardige richting inslaat. Het Chinese Ministry of Industry and Information Technology werkt aan nieuwe regels die vereisen dat belangrijke functies via tastbare bedieningselementen kunnen worden bediend. Volgens het voorstel moeten onder meer:
richtingaanwijzers
alarmlichten
versnellingsselectie
noodoproepsystemen
bediend kunnen worden via fysieke knoppen met een minimale oppervlakte van 10×10 millimeter. Het idee is eenvoudig: bestuurders moeten kritieke functies blindelings kunnen bedienen zonder hun ogen van de weg te halen.
Autofabrikanten geven hun fouten toe
Opvallend genoeg geven verschillende merken inmiddels toe dat de touchscreen-hype misschien te ver is gegaan.
Bij Volkswagen werd recent zelfs openlijk gezegd dat de overdreven afhankelijkheid van touchscreens in sommige modellen “een fout” was. Nieuwe modellen zullen opnieuw fysieke knoppen krijgen voor belangrijke functies.
Ook Mercedes-Benz benadrukt dat traditionele bedieningselementen voor bepaalde handelingen nog altijd de beste oplossing zijn.
Andere merken, zoals Hyundai, kiezen voor een hybride aanpak waarbij schermen gecombineerd worden met draaiknoppen en knoppen voor veelgebruikte functies.
Zelfs Tesla, jarenlang hét voorbeeld van minimalistische touchscreen-interieurs, zou opnieuw overwegen om klassieke bedieningsstelen voor richtingaanwijzers te introduceren.
Waarom touchscreens een probleem kunnen zijn
De kritiek op touchscreen-interieurs draait vooral rond afleiding. Wanneer een bestuurder door verschillende menu’s moet navigeren om eenvoudige functies te bedienen, blijft zijn blik langer van de weg af. Dat kan vooral in noodsituaties of bij onverwachte verkeerssituaties gevaarlijk zijn.
Daarnaast kunnen digitale systemen ook vertraging of softwareproblemen vertonen, terwijl een fysieke knop altijd direct reageert. Voor veiligheidsorganisaties is de conclusie daarom duidelijk: digitalisering mag nooit ten koste gaan van ergonomie en veiligheid.
AutoNext Take: technologie moet slimmer worden, niet ingewikkelder
De comeback van fysieke knoppen voelt eigenlijk als een logische correctie. De afgelopen jaren zagen we bij veel auto’s (van elektrische modellen tot luxe SUV’s) een soort “tablet op wielen”-filosofie ontstaan. Grote schermen zien er futuristisch uit, maar in de praktijk zijn ze vaak minder intuïtief.
Een simpele draaiknop voor de airco of een fysieke knop voor alarmlichten werkt simpelweg sneller. Dat betekent niet dat schermen moeten verdwijnen. Integendeel: infotainment, navigatie en voertuiginstellingen werken vaak perfect via een touchscreen. Maar voor kritieke functies blijft een fysieke bediening vaak de beste oplossing.
De kans is dus groot dat we in de komende jaren een nieuw soort cockpitontwerp gaan zien: digitale schermen gecombineerd met slimme, tastbare bediening. Of anders gezegd: de toekomst van het auto-interieur wordt waarschijnlijk minder radicaal digitaal dan we een paar jaar geleden dachten.